Tom Lanoye en Marjolijn
Februari over de beeldcultuur
21e Van der Leeuw-Lezing
Vrijdag 19 september 2003 in de Martinikerk te Groningen.
Tom Lanoye - Beschadigde beelden. Schrijven
in het rijk van de iconodulen
Co-referent Marjolijn Februari -
Stilte als storm
‘De vrolijke zeefdrukken die Andy Warhol maakte van de David van
Michelangelo lagen dichter bij een interpretatie van de Oudheid dan de versie
van Michelangelo zelf.’ ‘Sinds hun vernieling zijn de Twin Towers pas echt
alom aanwezig.’ ‘Ik ben een fan van jullie Beeldenstorm.’ Aldus Tom Lanoye,
Het belooft een zeer spannende 21e Van der Leeuw-Lezing te worden,
met flinke contrasten, zowel qua stijl als qua inhoud. De schrijver en performer
Tom Lanoye houdt een flamboyant en veelkleurig betoog over tal aspecten van de
beeldcultuur, met name ook over wat die betekent voor de rol van de schrijver.
Filosoof, jurist en kunsthistoricus Marjolijn Februari stelt daar een meer
noordelijke presentatie en analytischer aanpak tegenover, geheel in
overeenstemming met het cliché over de verschillen tussen de Vlaming en de
Hollander.
Beiden doen dat overigens zeer welsprekend, en beiden tonen daarbij veel
gevoel voor humor, maar net even anders.
Het valt niet mee in kort bestek recht toen doen aan de rijkdom van beide
lezingen. Bij Lanoye passeren in rap tempo de revue: de val van de Berlijnse
Muur, de vernietigde Boeddha-beelden in Afghanistan, de Twin Towers en Ground
Zero en de standbeelden van Saddam en Stalin, maar Lanoye heeft het ook over de
boerka, Ka’aba, Malevitsj, Clint Eastwood en Nike. We leven in een tijd van
iconodulen, we zijn verslaafd aan beelden. En de beelden winnen alleen
maar aan kracht. Zelfs wanneer ze vernield worden, aldus Lanoye. De iconoclasten
vieren weliswaar de materiële vernietiging, maar de iconodulen zijn verheugd om
het dikwijls krachtiger fantoom dat ervoor in de plaats komt. Sterker nog: de
vernietiging zelf wordt icoon.
Lanoye vraagt zich af wat de rol nog is van de taal en de letteren, tegenover
al dit beeldgeweld. Wat is de rol nog van de schijver? Lanoye behelpt zich met
beeldend schrijven, zijn boeken staan inderdaad bol van het spektakel. ‘Voor
omscholen is het te laat,’ aldus een opgewekt-mismoedige Lanoye in een
interview met Ariejan Korteweg in de Volkskrant. Is de toekomst niet aan het
beeld?
Maar hoewel Lanoye oog heeft voor het drama en met graagte de hyperbool
hanteert, gaat Februari in haar conclusie misschien nog wel verder. Ziet Lanoye
in het eigentijdse en meer historische iconoclasme tamelijk genuanceerd
voordelen én nadelen, Februari kiest stoutmoedig voor de meer heilzame kanten
van een beeldenstorm en voegt er in één adem een pleidooi voor een ‘taalstorm’
aan toe! Meer stilte, alstublieft. Want afwezigheid roept verlangen op.