STICHTING

   
 

VAN DER LEEUW-LEZING

 

Home Lezing 2004 Reageren De Stichting Biografie vd Leeuw Archief

Omhoog

Jorge Luis Borges (El Aleph)

Dat de Argentijn Jorge Luis Borges op latere leeftijd blind werd, was een wel heel wrange speling van het lot. Er zullen immers weinig schrijvers zijn die een wijdere blik hadden dan hij.
Borges tastte in zijn geschriften bij voorkeur de grenzen van het oneindige af. Zijn in 1957 gepubliceerde verhalenbundel El Aleph (De Aleph) bevat een aantal verhalen die stuk voor stuk het voorstellingsvermogen van de lezer kietelen. Vooral het verbluffende titelverhaal is een manmoedige poging het onbeschrijfelijke te beschrijven.
We maken hierin kennis met de pedante dichter Carlos Argentino Daneri, die werkt aan een magnum opus waarin hij De Aarde op poëtische wijze in kaart tracht te brengen: 'In 1941 had hij al enige hectares van de staat Queensland afgewerkt, meer dan een kilometer van de loop van de Ob, een gashouder ten noorden van Vera Cruz, de voornaamste handelszaken van de parochie van de Onbevlekte Ontvangenis' et cetera.
Dit pretentieuze project wekt in eerste instantie slechts de spotlust op van collega Borges (die zichzelf als personage opvoert): '(Daneri had) een gedicht gefabriceerd dat tot in het oneindige de mogelijkheden van kakofonie en chaos leek uit te buiten.' Maar dat verandert als Daneri hem uitnodigt in de kelder van zijn huis te komen kijken naar de aldaar aanwezige Aleph, 'een van de punten van de ruimte waarin alle punten samenkomen'.
In een paar grootse alinea's, beangstigend en ontroerend tegelijk, beschrijft Borges de oneindige beeldenstroom die de Aleph is. 'In dat kolossale ogenblik heb ik miljoenen heerlijke of gruwelijke dingen gezien; geen ervan verblufte me zo als het feit dat ze allemaal in éénzelfde punt gebeurden, zonder dat er sprake was van opeenstapeling of doorzichtigheid.'
Voor de beschrijving van een dergelijke duizelingwekkende ervaring kiest Borges een uiterst precieze, bijna zakelijke verteltrant. Hij deelt ons de afmetingen van de Aleph mede (een bol van twee à drie centimeter in doorsnee), de exacte lokalisering (rechts onder de negentiende trede van de keldertrap in de eetkamer van Carlos Daneri), de werking en uitwerking. Deze rapporterende stijl behoedt het verhaal voor zweverigheid. Daarbij komt nog de nodige zelfspot, want ten slotte verdient Daneri met zijn wereldgedicht (waarvan de lezer inmiddels weet hoe het tot stand is gekomen) een prestigieuze literaire prijs, wat onbegrip en vooral afgunst bij Borges opwekt.
De verzakelijking van het peilloze - zo zou Borges' werk getypeerd kunnen worden. Vaak giet hij zijn fantastische vertellingen in een documentaire-achtige of quasi-wetenschappelijke vorm. Het wemelt doorgaans van de noten en verwijzingen naar (vaak) niet-bestaande literatuur. Schrijven is voor Borges in hoge mate een intellectueel spel, en hij zet de lezer op het verkeerde been door met diverse literaire genres te goochelen. Hij bedient zich van de biografie, het essay, de reportage, de detective, het geschiedverhaal, maar altijd loopt de fictie daardoorheen.
Voor een van de bekendste verhalen uit de bundel, het labyrintische De bibliotheek van Babel, koos Borges bijvoorbeeld de vorm van een ego-document. Het behelst de mémoires van een van de bibliothecarissen van een bibliotheek die alle denkbare boeken bevat. Deze intrigerende gedachte heeft Borges opnieuw heel nauwkeurig uitgewerkt, tot en met de lengte van iedere boekenplank en de plek van slaapplaats en wc. Ook hier levert de confrontatie van dergelijke trivia met de eeuwigheid een aangename wrijving op.
Overigens heeft uitgever De Bezige Bij een heel eigen invulling gegeven aan het begrip peilloze zakelijkheid, door De Aleph in een nieuwe vertaling (Barber van der Pol), samen met drie andere Borges-titels in één (harde) kaft opnieuw uit te geven, voor de belachelijke prijs van fl. 125. Zonde dat op die manier dit onvergelijkelijke werk alleen voor de kapitaalkrachtigsten onder ons beschikbaar blijft.